De inhoud is geladen.

Logo gemeente Opsterland
Logo gemeente Opsterland

1760: Het Voorwerk in Siegerswoude

Deze ‘Schat uit het archief’ gaat over een kaartje uit 1760 met een bijzondere plek in Siegerswoude, die we nog steeds kennen onder dezelfde naam als eeuwen geleden, Het Voorwerk (It Foarwurk). De oorsprong van het Voorwerk ligt in het kloosterbezit. In de middeleeuwen hadden niet alleen particulieren grond in bezit, ook kloosters hadden veel bezittingen en grond. 

Uitsnede situatiekaart rond 1760. Bron: Beeldbank Tresoar. Kaartnummer (inventarisnummer) 010837.

Ten oosten van Siegerswoude lag een voorwerk van het Benedictijnerklooster Smelne te Smalle Ee. Dit vrouwenklooster had onder andere het Voorwerkerveld in bezit. Een voorwerk is een abdij- of kloosterboerderij. Wie van Siegerswoude naar De Wilp rijdt en de brug over de Bakkeveenster Vaart passeert, ziet een stukje noordoostelijker een boerderij staan die vroeger ook bekend was onder de naam It Foarwurk en Uithof. 

Situatie rond 1700. Bron: De Heerenveensche koerier (18 december 1951)

Ontstaan

Het voorwerk is waarschijnlijk al voor 1400 gesticht, toen het klooster van Smalle Ee nog een Augustijner klooster was. De uithof lag op een verhoogde rug in het landschap. Uit geschriften blijkt dat rond 1500 ene Sypke de baas was op de uithof. In 1518 werd het Voorwerk voor het eerst genoemd in een regeling die te maken had met de ontwatering van de ‘uijthoeve tot Sijgerswold’. Ook in 1530 wordt het Voorwerk genoemd en spreekt men van ‘broeder Leffert’. 

De omgeving was toen nog een omvangrijk hoogveengebied. De ontginningsboerderij werd omgeven door wallen en bomen. Naast het huis was een ‘ikenhiem’ (telgenkamp), een met eiken beplant terrein, aanwezig, waar hout voor timmerwerk weggehaald werd. Naast het hoofdhuis was er nog een klein gebouwtje aanwezig, een ‘Drintehok’, de stal voor de kudde Drentse schapen. Deze schapen werden er tot in de negentiende eeuw gehouden, tot rond 1900 de heide ontgonnen werd. 

Leven op It Foarwurk

Op het Voorwerk werkten nonnen die geholpen werden door lekenbroeders. Men deed aan hooiwinning en verbouwde haver, riet, bonen en erwten. Ze hielden zich vooral bezig met het weiden van schapen. Men hield ook ander vee, waaronder ossen, paarden en koeien. Gedroogd vlees, schapen- en koeienkaas, boter en honing werden naar het klooster vervoerd. Ook de jacht leverde hazen, herten en gevogelte op. Schapenwol was belangrijk voor het spinnen en weven van garen op het klooster. Vaak moest er ook een pachtsom betaald worden door de gebruikers. Tijdens de Tachtigjarige Oorlog, op oktober 1572, werd het voorwerk beroofd door de watergeuzen, die plunderend door Friesland trokken.

Voorwek 1990
Voorwerk 1925

Wisselend eigendom

In 1580 kwamen alle kloostergoederen van Smalle Ee in handen van de Staten van Friesland, nadat zij het rooms-katholieke geloof verboden. Het klooster in Smalle Ee was in 1581 al afgebroken. Er bleef in Siegerswoude alleen een kloosterboerderij over met landerijen, die bewoond werd door een huurboer genaamd Luytzen Hendrickx. De huur bedroeg haver en tien schapen per jaar. In 1640 was Alle Foeke Hendrix de pachter. In 1644 werd het Voorwerk met bijbehorende landerijen, in totaal 503 hectare, verkocht door de Staten van Friesland voor 4.500 goudguldens aan Menso Gabbema, een advocaat uit Leeuwarden. Niet lang daarna waren er enkele investeerders die 25% van het eigendom in handen kregen, waaronder Jacobus Sybrandi Mancadan, bestuurder en een tijdlang burgemeester van Franeker. Hij investeerde in verveningen. Vanaf ongeveer de tweede helft van de zeventiende eeuw werd er turf gewonnen bij het Voorwerk. Daarom werden er enkele wijken aangelegd.

Mancadan en zijn vrouw kregen drie kinderen. Dochter Ebeltje trouwde met Broer Boelardus Boelens, die onder meer landmeter was. Nadat Mancadan overleed, kwam het Voorwerk in handen van dochter Ebeltje en zo verwerd het tot bezit van de familie Van Boelens. Het Voorwerk bleef tot 1843 in bezit van families die afstamden van Boelens

-Mancadan, zoals familie Wigeri, Van Harinxma, Rijnhard baron van Lynden en Frans Godard Ayzo van Boelen. Zij woonden er echter niet zelf, maar het werd verpacht aan anderen. 

De pachters en ontstaan achternaam Uithof

In 1843 werd het Voorwerk met alle bijbehorende delen opgelegd door het Ministerie van Justitie, mogelijk als gevolg van een faillissement. Het komt in handen van pachter Roel Hendriks. Zijn voorouders woonden toen al vele jaren op de boerderij. Al voor 1685 woonde er een Heyne Roelofs op de boerderij. In 1728 en 1798 woonde op de zathe als huurder beide keren een Heine Roels, en daar tussenin een Roel Heines. Roel Heines was in 1778 en 1788 boer op de uithof. In 1811 woonde Roel Hendriks op het Voorwerk. Roel nam, samen met zijn broers Boke en Jacob Hendriks, de achternaam Uithof aan. De laatste Uithof die het Voorwerk bewoonde was Roel Hendriks Uithof, in 1880 getrouwd met Wietske van der Berg. Daarna kwamen andere families op de boerderij te wonen.

De boerderij die er nu staat, is niet de oorspronkelijke boerderij. Er hebben minimaal twee voorgangers gestaan. Van de voorganger van de huidige boerderij stond een foto in de Leekster Courant. Deze boerderij is gebouwd of gerestaureerd in 1798 zo laten de muurankers zien. 

Kaart Schets van de Wilp door J. van den Bosch, 1779. Bron: Beeldbank Tresoar. Kaartnummer (inventarisnummer) 000705.

Archeologisch onderzoek

In de 1984 en 1985 is er onderzoek gedaan op het terrein naar het voorwerk van Siegerswoude met subsidie van de gemeente. Het onderzoek werd door de Archeologische Werkgemeenschap voor Nederland onder leiding van provinciaal archeoloog Gerrit Elzinga uitgevoerd. Toenmalige eigenaar Gerrit Land was zelf zeer geïnteresseerd in de historie en had tijdens het ploegen scherven, ijzerslakken, een maalsteen en kloostermoppen gevonden. Door de ruilverkaveling kwamen er oude greppels en kuilen tevoorschijn.  Tijdens de archeologische opgravingen werden resten van grachten, afvalkuilen, waterputten, een mogelijke leemput en ijzersmelterij uit de veertiende eeuw gevonden. Ook werden er scherven gevonden van kogelpotten, drinkkannen, schalen en Siegburg-aardewerk. Ook werden er rondleidingen gegeven op het terrein. 

Boerderij It Foarwurk. Bron: Leekster Courant, 23 september 1966.

Bronnen

  • Beeldbank Tresoar
  • Leeuwarder Courant: hoofdblad van Friesland (7 juni 1956)
  • Leeuwarder Courant: hoofdblad van Friesland (27 november 1969)
  • Leekster Courant (23 september 1966)
  • De Heerenveensche koerier (18 december 1951)
  • Artikel ‘Het Voorwerk in Siegerswoude en Beetsterzwaag’ door Douwe de Graaf, Stichting Historisch Beetsterzwaag
  • Topotijdreis

Meer informatie?

Heeft u nog vragen?

Neem dan contact op met de afdeling Erfgoed